Merlot

Merlot
De naam merlot komt van het woord merle, wat Frans is voor merel. Merlot is een klassiek druivenras dat in de Bordeauxwijnen wordt verwerkt in combinatie met cabernet sauvignon en cabernet franc. Hij werd er lange tijd beschouwd als een inferieure druif die zelf geen persoonlijkheid bezat en die in de Médoc en Pessac-Léognan/Graves enkel maar werd gebruikt om de scherpe kantjes van cabernet af te halen. Waar hij wel alleen verscheen en een verrassende, volle, rijpe, weelderige persoonlijkheid toonde met een uitnodigende sappigheid was in Saint-Émilion en Pomerol. Pas toen beide wijngebieden uit de schaduw treden van hun buren kon merlot uit de schaduw van cabernet treden. Sindsdien werd hij met succes in Californië aangeplant en later volgende zowat alle streken van de wereld.
Kenmerken: 
Merlot houdt van een koeler klimaat dan cabernet. Doorgaans produceert hij een zachte rode wijn met een rijke textuur en een laag zuur en tanninegehalte. Merlot bezit in ruime mate de smaak van zwarte kersen, chocolade en vruchtencake. Het alcoholgehalte bedraagt 11-12%. De wijnen geuren naar rode vruchten (braam, kers en zwarte bes), specerijen (peper), pruimen, leer, rook en viooltjes. Over het algemeen zijn de cépagewijnen van merlot relatief vroeg op dronk.
Gebruik: 
Merlot is één van de koning der druiven in Bordeaux maar wordt verder in Frankrijk ook nog met succes in de Languedoc verbouwd. Verder is hij geliefd in Californië, Italië, Oost-Europa, Chili en zelfs tot in Australië, Nieuw Zeeland en Zuid-Afrika.
Soort: 
Blauw
Herkomst: 
Frankrijk
Synoniemen: 
Merlot noir
Médoc noir (Hongarije)