In het teken van de Worldcup 2010: Zuid-Afrika vs Pinotage...Game Over!
Laten we het vandaag eens een keertje over de Pinotage druif hebben. Deze Zuid-Afrikaanse druif werd ontdekt, gecreëerd, samengesteld door een zekere professor Perold in het Zuid-Afrikaanse Stellenbosch. Vandaag staat deze universiteit nog steeds als ‘uitstekend' gekend in de wijnmiddens. Stellenbosch wordt trouwens aanzien als het kloppende hart van de Kaapse wijnhandel. Ook kwalitatief staan deze wijnen op een hoog schavotje, al krijgen ze stilaan wel geduchte concurrentie vanuit het walvissen gebied Hermanus en Walker Bay. Maar goed we gingen het over de Pinotage hebben. Je kunt me moeilijk betichten van niet over een open wijngeest te beschikken maar waarheidsgetrouw moet ik zeggen dat een Pinotage wijn me zelden heeft kunnen boeien. Het is ook geen eenvoudige druif om mee te werken natuurlijk. Dit zal voor een groot deel waarschijnlijk wel genetisch bepaald zijn. Eén van zijn ouders is trouwens de Pinot Noir (Pinotage is een kruising tussen Pinotage en Cinsault). En laat nu net de Pinot Noir gekend zijn als één van de koppigste en moeilijkste druif die vol tegenstrijdigheden zit. Niet eenvoudig dus om er een gedegen wijn van te maken. Net zo met de Pinotage. Oké, hij blijft gevrijwaard van een aantal moeilijke eigenschappen die zijn vader wel bezit. Maar al bij al blijft het een lastige klus om een kwaliteitsvolle Pinotage te maken.
Absolute voorwaarde is dat je zijn rendementen grondig gaat
beperken zodat hij een kleine opbrengst geeft én dat je de druif tot een
optimale rijpheid laat komen. Kleine bedenking...zijn dat geen twee voorwaarden
die bij elke kwaliteitsvolle wijn moeten toegepast worden? Net zo is de
vereiste een zorgvuldige vinificatie toe te passen met een gepaste vatrijping
op Franse of Amerikaanse eiken vaten. Maar van cruciaal belang vind ik echter
dat je Pinotage stokken op leeftijd moeten zijn en bij voorkeur de status van
Vieilles Vignes (50 jaar oud ongeveer) hebben bereikt. Voldoe je aan deze voorwaarden en heb je het in je vingers om een wijn een goede vinificatie te bezorgen dan kan je Pinotage zijn agressieve tannine temperen, zijn rustieke karakter verbergen en zijn volle aroma's en smaken tot ontwikkeling laten komen. Je zult dan volop de kruidigheid van zwarte peper, munt en eucalyptus samen met de moerbei, braam en pruim ontdekken. Zelfs een bescheiden hoeveelheid lava en licht verbrande rubber. De smaak zal een diepe winterse smaak van gestoofde zwarte vruchten zijn. Slaag je er echter in deze vereisten te negeren dan zal je Pinotage helemaal niet goed zijn. Spiritus is dan je deel samen met vluchtige zuren die naar frambozenazijn neigen. Ik moet je dus niet vertellen dat de echte goede Pinotage wijnen, en ik besef zeer goed dat ik op enkele zere tenen kan trappen nu, zeer zeldzaam te vinden zijn. Heb je ze gevonden, laat het me alvast weten! Ik zal alvast niet schrikken van een navenant prijskaartje... Technische sheet Pinotage: klik hier The Perfect Match:Pointes d’amour…daar moet gewoon een heerlijk wijntje bij geschonken worden!
April heeft zijn intrede gedaan, het zal niet lang meer
duren of de asperge, doet zijn intrede. Zoals steeds, kort maar krachtig... Het witte goud, zo wordt de asperge bij ons ook wel eens genoemd. Je kunt niet zeggen dat men alle registers heeft opengetrokken om tot een verbeelding sprekende naam te komen. De naam dekt niet eens de volle lading want je hebt tevens groene en zelfs paarse asperges. Neen, geef mij dan maar onze buren uit Frankrijk of Duitsland. Daar spreekt men over Pointes d'amour of Liebesspitzen. Hiermee kan je de fantasie pas laten werken! Asperges zijn trouwens een afrodisiacum. Het is dus handig meegenomen dat de groente als een delicatesse wordt beschouwd. Zonder enig argwaan op te wekken kan je dit dus verwerken in de meest overheerlijke gerechten. Iets wat ik met, ik zeg maar wat, selder niet onmiddellijk zie gebeuren.
Maar wat met wijn? Hierin is de asperge werkelijk een
buitenbeentje. Waarom? Noem mij een keer een andere groente waarbij je onmiddellijk
denkt welke wijn je erbij zou schenken. Groenten roepen niet onmiddellijk
associaties op met wijn (ten onrechte trouwens). De asperge doet dit wel!
Zoals zo vaak, of eigenlijk altijd, is de bereidingswijze en
het volledige plaatje van het gerecht bepalend in de wijnkeuze. Hier ga ik dus
niet dieper op in.
Wil je echter buiten het traditionele gaan dan heb ik voor
jou de ideale combinatie!
Vieilles Vignes
Wijnetiketten kunnen ons veel vertellen over de inhoud van de fles. Ze kunnen ons echter ook stevig misleiden. Zo ook de benaming Vieilles Vignes! Op het gebruik van deze benaming bestaat helemaal geen reglementering. Het is een vrije optie die al dan niet op het etiket te vermelden.Persoonlijk vind ik het zonde dat er zovele regeltjes bestaan over het werk in de wijngaard, de vinificatie en noem maar op, maar dat een belangrijk iets, want zo beschouw ik de werkelijke Vieilles Vignes toch, ongestoord worden gelaten. Laat ik je even mee terug nemen naar de bron...de Vitis Vinifera ofwel de plant van de belangrijkste familie onder de druivenstokken; nl. de wijndragende wijnstok. De Vitis Vinifera is werkelijk een ras apart. Niet enkel omdat van deze soort nu éénmaal de wijndruiven produceert maar ook in zijn levenswandel. Zo moeten de Europese variëteiten geënt worden op een Amerikaanse onderstam om het hoofd te kunnen bieden aan de zo gevreesde druifluis - Phylloxera (officiële benaming blijkt dactylasphaera Vitifolii te zijn), maar blijkt die wijnstok zo ook nog eens haar/zijn hebbelijkheden te bezitten. Ik wil zeker niet het volledige proces gaan opsommen van de pro's en de contra's van de wijnstok. Ik zal me beperken tot een paar algemeenheden. Algemeen geweten is dat de bodem waarop een wijnstok moet staan liefst een arme bodem is waarin de wijnstok alle moeite moet doen om op zoek te gaan naar de nodige voeding om te kunnen overleven. Wil dit dan zeggen dat hoe armer de bodem is, hoe beter het is voor de wijnstok? Helemaal niet...de wijnstok is een onderdeel van het kosmische gebeuren en een heel simplistisch gegeven hiervoor is dat alle kosmisch leven voeding nodig heeft om te kunnen overleven. Te arme bodem zal de wijnstok laten afsterven, wat zeker niet de bedoeling kan zijn. Concurrentie! Zoals met zovele andere dieren, planten, levens...Only the strong will survive! Dat geldt zeker ook voor de wijnstok. Ze hebben de concurrentie van andere stokken nodig zodat hun wortels de nodige inspanningen moeten leveren om het voedsel tot zich te nemen. Vandaar ook dat de plantdensiteit van de stokken vaak gereglementeerd zal zijn. De sterkste stokken zullen de beste vruchten afleveren. Een goede wijnbouwer kan trouwens zo de sterke van de minder sterke stokken aanduiden op zijn wijngaard en zal je perfect kunnen vertellen welke stokken jaar na jaar betere vruchten afleveren. Net zoals de genieters van het eindproduct van de wijnstok, de wijn, is de wijnrank licht allergisch aan water. Pootje baden doet hij dus niet graag en hij beschouwd water enkel als een vloeistof die noodzakelijk is om te overleven. Af en toe wenst hij zelf even aan geheelonthouding te doen tot hij nodige afkick verschijnselen krijgt (stress hydrique). Hierdoor krijgt hij een extra energiestoot die de plant ten goede komt. Dit mag echter niet te lang duren...met een comateuze plant zijn we immers niets.
Genoeg nu, terug naar de essentie dus van dit artikel: de
Vieilles Vignes.
Maar wanneer bereikt die wijnstok nu de begeerde status van
Vieilles Vignes? De overlevers tussen de stokken bezitten wortels die zo diep
verankerd zitten in de bodem zodat ze de beste mineralen en voedingsstoffen
kunnen opnemen. Hierdoor krijgen zijn vruchten een extra kwaliteitsinjectie.
Zijn vitaliteit en zijn potentie is de stok echter stilaan verloren en er
zullen steeds minder vruchten aanwezig zijn op de stok. Deze vruchten hebben de
eigenschap echter over een betere concentratie te beschikken wat zich dan ook
vertaald in de wijn.
De marketeers weten echter maar al te goed dat de benaming
Vieilles Vignes een lokmiddel kan zijn. Ze hanteren dan ook maar al te graag
het penseel om dit op het etiket te vermelden. Vandaar een oproep: Ik pleit ervoor de benaming Vieilles Vignes pas te gebruiken vanaf een leeftijd van minstens 50 jaar, zonder toevoeging van jongere stokken. Hallo Europa, doe een keertje iets nuttigs en hou niet halsstarrig vast aan de pietluttige wijzigingen zoals het omtoveren van een AOC naar een AOP (what's in a name...it's the bottle that matters). Gebruik je macht voor zaken die wel er toe doen. Want een correcte Vieilles Vignes is een lust op de tong!
Changez - Bubbles
December is de feestmaand bij uitstek en deze eenvoudige gedachte bracht de
Vlaamse Wijnbloggers ertoe om een ruilhandel in de geprezen feestelijke bubbels
op te zetten. Mij zal je niet horen klagen want reeds geruime tijd zit ik in
mijn ‘bubbel-periode'. Dat gezegd zijnde vond ik de opdracht wel een leuke. Ik ben namelijk dol op verrassingen, vooral als het om het edele vocht in de fles draait. Toch vond ik er zelf één klein nadeel aan zitten. Omwille van mijn lust naar bubbels de afgelopen maanden, was mijn voorraad stevig geslonken en, erger nog, kon ik niet meer echt origineel uit de hoek komen met het flesje dat ikzelf aan Thomas moest bezorgen. Na een halfuurtje palaveren in de kelder besloot ik om ieniemieniemutte te doen tussen de Schorpion Chardonnay uit ons eigenste belgenlandje, en de Crémants uit de Bourgogne van Vitteaut-Alberti Blanc de Blancs of Rosé. Toen de - aheum - onschuldige hand ons het verdict stuurde en merkte dat ik een flesje van Amaronese zou krijgen was ik in mijn nopjes. Amaronese steekt zijn voorliefde voor Italiaanse wijnen zelden onder stoelen of banken en hoopte ik ook dat het bubbeltje van ginds zou komen. Stiekem droomde ik zelfs van mijn favoriete onder de Italiaanse bubbels: een Franciacorta. Het flesje dat de postbode me bezorgde bleek inderdaad van Italiaanse origine te zijn. Leuk ook dat het voor mezelf over een nog niet eerder gedronken schuimwijn ging; nl. een Lessini DOC (ook wel Monte Lessini DOC).
De appellatie Lessini vinden we in het noordoosten van Italië en meer
bepaald in de regio Veneto. Het is een gebiedje dat, hoewel ze er ook stille
witte, rosé en rode wijnen mogen maken in een droge of in een passito stijl,
uitermate geschikt is voor het maken van schuimwijnen. Verantwoordelijk hiervoor
is de Durello druif die een tamelijk hoog zuurgehalte heeft en om die reden
zich dan ook perfect leent voor het maken van een schuimwijn. Durello kunnen we
ook bij de buren uit Prosecco vinden. In de stille witte versies wordt de druif
hoofdzakelijk gebruikt als aanvulling van de Garganega druif in een Soave. Terug naar het flesje dat ik mocht beoordelen. Volledigheidshalve gaat het over een DOC Lessini Durello. Belangrijk want bij wet wordt de hoeveelheid te gebruiken Durello vastgelegd op minstens 85%. Het wijnhuis Marcato dat voor deze wijn heeft gezorgd heeft dit dan ook strikt nagekomen. Als aanvulling wordt er 10% Chardonnay en 5% Pinot Noir gebruikt. Verbazend is hoe de 5% Pinot Noir toch duidelijk te onderscheiden is in de structuur van deze wijn. Zowel in aroma als in smaak komen de ‘bos-toestanden' duidelijk tot uitdrukking. Verder is dit toch wel het ontdekken waard: mineralen, amandelen, honing en fruittoetsen. Fris en helemaal niet agressief in de mond met een kleine zoete en exotische aanvulling. Blij dat ik dit heb mogen proeven al kan het de Franciacorta niet van de troon stoten...
Nog te vermelden is dat deze wijn volgens de Charmat-methode
werd gemaakt.
Mijn Wijn - Bernard Pivot
Als het jaareinde stilaan in zicht komt is het ook een beetje boekentijd. Beurzen alom waar het boek centraal staat. Leuk idee dus om met de collega's wijnbloggers hieraan deel te nemen. Keuze genoeg trouwens in het aanbod dat op de markt te vinden is. Boeken over wijn zijn er legio, meestal een beetje encyclopedisch of enorm gedetailleerd.
Mijn keuze echter ging naar een boek vol
met kortverhalen en, het mag gezegd worden, één van de betere boeken over wijn
die ik ooit heb gelezen. Bernard Pivot brengt in "Mijn Wijn" dan ook een
hoeveelheid aan anekdotes, weetjes en poëzie die van begin tot einde blijven
boeien. Graag citeer ik een stukje uit ‘Oogst' Paradijs. Er is nooit een oogst voorbijgegaan zonder dat ik verliefd werd. Op mijn twaalfde, vijftiende, achttiende en twintigste was het altijd hetzelfde liedje: zodra ik de wijngaard in liep om hem te plunderen en leeg te halen, werd mijn hart door een verrukkelijke koortsaanval bevangen. Dat was zo sterk dat ik in de buurt van een handpers die uit nostalgie in de fermentatieruimte is blijven staan, of oog in oog met een aquarel waarop Dunoyer de Segonzac de beweging van één of twee plukkers of dragers heeft vastgelegd, nog steeds een vurig genot voel. Ik zou me eigenlijk op zo'n intens moment de pijn moeten herinneren die vanaf de eerste oogstdag mijn rug teisterde. Ik zou ook kunnen terugdenken aan mijn toenmalige makkers op kille ochtenden of regenachtige avonden in september, aan mijn verkleumde en gekloofde handen, aan de te zware manden, aan de vermoeide traagheid van mijn steeds herhaalde bewegingen of aan de verleiding om die eindeloze rijen wijnstokken met hun eindeloze hoeveelheden druiven de rug toe te keren, maar dat heeft geen zin. Ik hoef me ook niet voor te houden dat het allemaal heel veel pijn en moeite kostte. Voor mij scheen altijd de zon, was ik altijd verliefd en legden de druiven suiker op mijn lippen. In onze jeugd heersten talloze beperkingen, en de oogst was dan ineens een tussenspel vol vrijheid. Ik heb er mijn eerste geld mee verdiend. We golden als volwassenen en werden als zodanig behandeld. Voordat we teruggingen naar de middelbare school en ons weer aan de discipline van het ouderlijk huis onderwierpen, zaten we als mussen in de wijngaard! Dus waren we vrolijk, dapper en vrij. Voor wie gezond was en er de behoefte aan had, was de oogst een schitterende leerschool in de sensualiteit. Er waren de handen die als inbrekers de wijnstok in gingen, glijdend tussen de bladeren slopen en druiven vastpakten, verwijderden en verzamelden die zwaar waren van de dauw, de zon en het sap. De overvloed bracht een gevoel van volheid! Dit stukje doet me sterk terugdenken aan de keer dat ik zelf deel heb genomen aan ‘les vendanges'. De beschrijving van de vermoeidheid, pijn en ontberingen die op geen enkel moment in de latere herinneringen ter sprake komen...Enkel de nostalgie, avontuur, vrijheid en inderdaad het gevoel van volheid en verliefdheid borrelen steeds weer boven. Dit boek is een must voor elke wijnliefhebber die tevens een passie voor de geschreven kunst bezit! Het past dan ook perfect onder elke kerstboom in de warme Vlaamse huiskamers.
Met plezier eindig ik dit stukje à la
Pivot:
Vouvray de zomer
Vouvray de herfst
Vergeten druivenrassen: Alicante Bouschet
Na een maandje extra pauze omwille van de vakantieperiode schieten de Vlaamse Wijnbloggers alweer uit de startblokken. Heuglijk nieuws hierbij is dat onze aanhang groeiende is en dat we alweer enkele nieuwe eigenzinnige wijnschrijvers mogen begroeten. Aan allen, van harte welkom, wees oprecht kritisch en blijf vooral trouw aan uw eigen stijl. De opdracht die we deze keer mee kregen stemt me eerlijk gezegd enorm gelukkig. "Vergeten druivenrassen". Een mooiere opdracht kan je iemand als mij, die niet verknocht is aan de traditionele edele druivensoorten, niet geven. Bijgevolg heb ik ook niet echt lang moeten nadenken over de druivensoort waarover ik dit topic zou schrijven; nl. de Alicante Bouschet!
De Alicante Bouschet is in vele opzichten een aparte druif.
Vooreerst is er uiteraard de naam. Akkoord Bouschet verwijst dan wel naar Henri
Bouschet die verantwoordelijk is voor het tot stand brengen van de druif. Maar
het eerste gedeelte de Alicante is tot op heden een mysterieus gegeven. Zoals u
weet verwijst Alicante naar de gelijknamige Spaanse stad en zou je kunnen
veronderstellen dat de roots van deze druif dan ook aan de Costa Brava liggen.
Niets is echter minder waar. Hoewel de druif in de regio, en op wel meerdere
plaatsen in Spanje, vaak voorkomt onder de naam Garnacha Tintorera (ze is één
van de belangrijkste druiven in de DO Almansa) is ze ontstaan in het zuiden van
Frankrijk.
De druif Alicante Bouschet is ontstaan door het kruisen van
de Petit Bouschet (dewelke ontdekt werd door de vader van Henri Bouschet) en de
Grenache Noir. Petit Bouschet is dan weer een kruising tussen de onbekende
druiven Teinturie du Cher x Aramon.
Zelf ben ik de druif tegen het lijf gelopen door mijn liefde
voor de Portugese wijnen. In de Alentejo wordt deze druif immers frequent
verbouwd met krachtige, diep donkerrood gekleurde wijnen met een behoorlijke
body en alcoholgehalte tot gevolg. Sedertdien verschijnt deze wijn ook
regelmatig in mijn glas... Het is geen verrassing dat we de druif vooral op warme plaatsen tegenkomen. De Alicante Bouschet bezit een dikke schil zodat ze dus hitte nodig heeft om tot een volledige rijpheid te kunnen komen. Het is een vroegrijpende druif die een redelijk hoge opbrengst geeft. Om tot goede resultaten te komen moet je de druif zeker en vast intomen. De Alicante Bouschet van Herdade do Esporão in de Portugese Alentejo geldt als één van de meest hoogwaardige wijnen die deze druif kan voortbrengen. De wijn heeft een geconcentreerde diepe rode kleur. Hij bevat een complexe neus met hints van violet, rode bes met een goed verweven houttoets van getoaste eik. Ook in de smaak is het hout mooi geïntegreerd. Bovendien kent hij een goede structuur.
Roséwijnen
Met de, hopelijk schitterende, zomer voor de boeg was het aangewezen dat de Vlaamse Wijnbloggers een passend thema zouden behandelen. De markt van de roséwijnen schijnt helemaal ‘in' te zijn. Het is easy going bij de jongeren en traditioneel gangbaar bij de vele barbeques en tuinfeesten. Vis noch vlees is een veel gehoord punt indien roséwijnen ter sprake komen. Maar is dit wel zo? Roséwijn is wel degelijk een wijn zo leert ons de definitie van wijn! Wijn is immers noch steeds het product dat bekomen wordt door een gehele of gedeeltelijke alcoholische vergisting van gehele of getreden druiven, of de most ervan. En dus moeten we onomwonden stellen dat roséwijn wel degelijk wijn is! Dat gezegd zijnde wens ik te benadrukken dat, in Europa, tot nader order (ook al worden er de laatste tijd hierover redelijk domme voorstellen ingediend) roséwijn hoegenaamd NIET beschouwd mag worden als een mengwijn waarbij witte en rode wijn, na de fermentatie, samen worden gevoegd. Enige uitzondering hieromtrent is de rosé Champagne. Dit is een mix van rode wijn met witte Champagne. En dan nog kan je stellen, want volgt er bij Champagne immers geen tweede gisting in de fles? Kan een roséwijn dan nooit uit een assemblage van witte en blauwe druiven bestaan? Toch wel maar dan worden ze samen gevinifieerd en niet achteraf vermengd. Let wel, dit is zo in Europa. In de nieuwe wereldlanden mag men witte en rode wijn samen mengen om een, wat m'n in de ogen van de Franse wijnbouwers beschouwd, nep rosé te bekomen. Of rosé wijn ook effectief lekker is laat ik volledig aan de interpretatie van de lezer over. Enkel dit wil ik de sceptici meegeven: wijn is een levend product dat onderhevig is aan zeer vele invloeden zoals o.a. de druif, klimaat, bodem en, misschien nog het meest belangrijke, het werk van de wijnbouwer! Goede en minder goede wijnen bestaan dus in alle kleuren en het vergt proeven en nog eens proeven om de pareltjes te ontdekken. Wel maak ik mij volgende bedenking: Indien de wijnbouwer alles heeft om een uitgebalanceerde wijn te maken, zou hij dan niet opteren om een rode wijn te maken? Commercieel (vertaal dit naar de prijs die je voor het eindproduct kan vragen) ligt dit toch een stuk beter... Hoe wordt roséwijn nu gemaakt? Als we ons beperken tot de stille wijnen en de Champagne even buitenspel zetten kunnen we stellen dat er grosso modo 3 verschillende manieren zijn om roséwijn te maken. Een eerste manier is de behandeling van de blauwe druiven zoals we witte wijn maken. Dus eerst persen en nadien vergisten. De blauwe druiven gaan eerst zachtjes gekneusd en ontsteeld worden. Nadien gaan we deze zachtjes persen. Door dit persen komt er in het witte druivensap wat kleurstof van de blauwe druivenschil terecht en gaat de kleur van het sap lichtjes roze kleuren. Deze roséwijnen zijn meestal zeer licht van kleur en zeer fruitig. Een tweede methode is een korte koude schilweking toepassen. Macération Pelliculaire genoemd in vaktermen. Opnieuw worden de blauwe druiven eerst gekneusd en ontsteeld. Door dit kneuzen komt er sap vrij en dit sap gaat men gedurende een korte periode (tot max 12u), tegen koude temperatuur (5°C) in contact brengen met de schillen van de druif. Hierdoor krijgt de most meer aroma en kleurstof. De wijn zal hierdoor ook rijker zijn. Nadien gaat men over tot het persen en wordt er verder gevinifieerd men zoals voor een witte wijn. De roséwijnen die volgens deze methode worden gemaakt hebben doorgaans een rijkere kleurstructuur en bezitten een lichte tanninestructuur.
Tenslotte hebben we de laatste tijd zeer populaire en fel
bejubelde saignée methode. Letterlijk vertaald is dit het laten bloeden van de
wijn. Bijna puur toevallig werd deze manier om roséwijn te maken ontdekt. De
wijnbouwers waren op zoek naar een natuurlijke methode om hun rode wijn aan te
sterken en kwamen zo bij de saignée methode terecht. Tot slot moet ik zeker vermelden dat dit een uitermate boeiend initiatief is en dat je het relaas van mijn wijnbloggende vrienden op hun desbetreffende sites kan terugvinden:
Changez - De kuskesdans van de Vlaamse wijnbloggersEr broedde al verscheidene maanden het idee onder de Vlaamse wijnbloggers om elkaar een flesje te bezorgen en je collega-schrijver deze te laten beschrijven in zijn eigen stijl en bewoordingen.
Zo gezegd, zo eindelijk ook gedaan. Een heuse loterij, inclusief "onschuldige" kinderhand kwam er aan te pas.
Deel één van de missie was achter de rug. Rest er nog zelf een flesje in ontvangst de nemen. Hiervoor stond Stephane De Backer (http://sdebacker.skynetblogs.be/ ) mijn bel te teisteren. Stephane is een enorm boeiende verteller die een voorkeur heeft voor natuurlijke wijnen.
Nu ben ik altijd wel te vinden voor een dergelijke proeverij. Het blind proeven van een wijn is niet alleen heel leerrijk maar het brengt de bescheidenheid terug in de mens. Het plaatst je steeds weer met je beide voetjes op de grond. Bovendien is het net dat soort "mysterie" dat me zó boeit in wijn.
Samen met een aantal collega-proevers waagden we dan ook aan het ontkurken van deze fles. Als gastronomische tip werd me vis of kip met een noilly prat saus aangeraden!
Wat is wijn toch een fantastisch product. Het wordt dan ook gemaakt vol vakmanschap en liefde. Wat me persoonlijk steeds weer weet te boeien, en wat wijn voor mij ook zo aantrekkelijk maakt, is dat elke wijn steeds weer anders smaakt!
Uiteraard zal je zeggen. Een rode wijn smaakt nu eenmaal anders dan een witte wijn of een roséwijn. En er bestaan toch zo veel verschillende druivensoorten. Elke druivensoort bezit zijn eigen specifieke karakteristieken die we in het glas zullen terugvinden.
Om op zulke zaken een antwoord te kunnen geven volstaat het dikwijls logisch na te denken. Maar hebben we ook een zekere vorm van kennis en ervaring nodig.
In het kader van de Vlaamse wijnblogdagen zal ik, samen met mijn schrijvende collega's, iets dieper ingaan op deze vraag. Ik zal dit artikel dan ook weiden aan de edele Chardonnay druif die nog steeds een zeer groot aantal van de wijnminnende zielen in vervoering kan brengen.
Hier moeten we vooral naar de stijl van vinificatie van de wijn gaan kijken. Uiteraard heeft elke wijnbouwer zijn eigen stijl, zoals reeds aangehaald. Maar er bestaat wel degelijk een verschil in cultuur, traditie, en uitgangspunt.
Het grote verschil bestaat er naar het uitgangspunt naar wijn, op zich, toe. Frankrijk is de traditie, het voorbeeld dat overal ter wereld model heeft gestaan. Gelukkig heeft men in de nieuwe wereld zich niet beperkt tot het eenvoudigweg kopiëren van het Franse model. Waar men in Frankrijk, en dan vooral in de klassieke wijngebieden Bordeaux en Bourgogne, uitgaat van het maken van kwaliteitsvolle bewaarwijnen gaat men in de Nieuwe wereld van een totaal ander standpunt uit. Wijn wordt er meer als een consumptie product beschouwd met de nodige marketing eromheen. Zij gaan er vanuit dat een wijn jong moet gedronken worden en niet gedurende jaren in één of andere duistere kelder op zijn ‘moment de gloire' moet liggen wachten.
Technieken die voor Bourgondisch doorgaan zijn:
In Australië gebruikt men diverse technieken om aroma uit de neutralere druif te verkrijgen:
Het resultaat was een fruitcocktail die direct aansprak.
De verschillen in de stijl van het wijnmaken zoals hierboven beschreven wordt met de jaren kleiner en kleiner. Zowel de old world als de new world hebben technieken van elkaar overgenomen, waardoor er nu frissere witte Bourgogne is en elegantere, terughoudender en subtielere Chardonnays uit de nieuwe wijnlanden komen.
Het succes van de nieuwe wereldlanden heeft stilaan de ogen geopend in Frankrijk. Ze blijven niet langer blind voor deze successen en de vinificatie stijlen van the new world krijgt stilaan navolging.
Zo blijft dit product boeiend en levendig!
De feestdagen naderen alweer met rasse schreden. De feestdis dient zich aan. Menig kalkoen zal definitief zijn pluimen laten ten voordele van de Bourgondische Vlaamse magen.
Laat me eerst stellen dat de methode om Champagne te maken uniek is.
Welke alternatieven bieden er zich nu aan voor Champagne?
Is dit nu zomaar een bewering of kan dit ook gestaafd worden?
Een gouden regel uiteraard blijft dat je kwaliteit proeft in je glas en niet op papier of etiketten. Daarom oordeel naar je eigen smaakpatroon, en beslis aan de hand daarvan.
Wat zou de betekenis zijn van wijnfestivalitis? Is dit een ziekte die ontstaat door een aantasting door de wijnfestival-bacterie? Of is dit een uitgelezen kans voor de wijnliefhebber om weekend na weekend de diverse aangeboden degustaties af te schuimen.
Wil je het relaas van mijn collega bloggers lezen. Onderaan kan je hun link terugvinden.
Vakantieperiodes staan sinds mensenheugenis in het teken van wijn. Wanneer ik bezig ben met de voorbereidingen van onze zomervakantie, kijk ik steeds met zorg toe dat ik me kan bezondigen aan wijntoerisme. Het nieuwe thema dat we in het kader van de Vlaamse Wijnblogdagen als opdracht kregen leek me dus op het eerste zicht te passen als gegoten.
Persoonlijk houd ik enorm van het contact met de wijnboer, het bezoeken van zijn domein, zijn wijngaarden, kelder en uiteraard het proeven van zijn wijnen. De waarheid dwingt me echter te bekennen dat ik op een andere manier het bezoeken van deze domeinen, chateau's, Mas en casas beleef sinds ik op professioneel gebied met wijn bezig ben.
Deze benadering heeft echter al geruime tijd plaats gemaakt voor een meer doordachte zoektocht. Dikwijls themagebonden bezoeken in functie van een voordracht annex degustatie voor een wijnclub of voor één van de vele wijnproeverijen die ik dan organiseerde. Het grote werk hiervan vindt dan thuis plaats van achter mijn bureau en met behulp van mijn computer en uiteraard steeds een gepaste wijngids. Voor het gebruik van een wijngids vermijd ik steevast de Guide Hachette's en consorten. Te veel reeds heb ik verhalen mogen aanhoren over de werkelijke of halve waarheden over het verschijnen in dit soort gidsen. Neen, veel liever laat ik me bijstaan door een degelijke gids die een bepaalde streek belicht, of op de vele commentaren die je op het wereldwijdeweb kan vinden van gepassioneerde wijnliefhebbers.
Naast de luilekkere vakantie in de Provence, staat er ook nog een werkvakantie op het programma met als opdracht het zoeken van een geschikte witte Bourgogne uit de Maçonaise. Met de vele contacten die ik er heb uit het verleden lijkt me dit een aangename trip te worden. Welke domeinen kan ik de lezers aanraden een bezoek te brengen? Dit is uiteraard een ander paar mouwen. Elk bezoek moet in zijn functie en in zijn tijd bekeken worden. Zo kon je reeds op een eerdere blog (onwaarschij |
|||
VlaamseWijnblogdagen 
